BrydgeOne
Plan een demo
  1. Home
  2. Kennisbank
  3. Gevaarlijke stoffen beheren: register, veiligheidsinformatiebladen en opslag
Veiligheid5 min lezen

Gevaarlijke stoffen beheren: register, veiligheidsinformatiebladen en opslag

Een register van gevaarlijke stoffen geeft je overzicht van welke producten er in je organisatie zijn, waar ze liggen en hoe mensen er veilig mee werken. Zo zet je het op, van inventaris en veiligheidsinformatiebladen tot opslag, instructie en vervanging.

Wat zijn gevaarlijke stoffen op de werkvloer?

Gevaarlijke stoffen zijn producten die schadelijk zijn voor mens of milieu, of brand- of explosiegevaar opleveren. Denk aan verf, lijm, oplosmiddelen, reinigers, brandstoffen, spuitbussen en gassen in flessen. Ook wat je in je dagelijkse werk niet als chemie ziet, kan eronder vallen.

Vergeet ook de stoffen niet die tijdens het werk ontstaan, zoals lasrook, houtstof of stof bij slijpen en boren. Die hebben geen etiket, maar vragen wel om dezelfde aandacht in je risicobeoordeling. De inventarisatie van gevaarlijke stoffen hoort dan ook bij je RI&E.

Stap 1: maak een inventaris

Loop alle werkplekken, magazijnen, voertuigen en opslagruimtes langs en schrijf op wat je vindt. Vraag ook aan medewerkers wat ze gebruiken, want inkoop weet niet alles. Leg per product de gegevens vast die je later nodig hebt:

  • Productnaam en leverancier
  • Waar het wordt gebruikt en waar het ligt
  • Globale hoeveelheid en verpakkingsvorm
  • Wie ermee werkt en hoe vaak
  • Gevaarsaanduiding op het etiket en datum van het actuele veiligheidsinformatieblad
  • Een eigenaar binnen de organisatie die het product bewaakt

Wat staat er in een veiligheidsinformatieblad?

Het veiligheidsinformatieblad (VIB, in het Engels SDS) is het naslagdocument van de leverancier. Elk blad heeft dezelfde opbouw van zestien rubrieken, onder meer over gevaren, veilig gebruik en opslag, beschermingsmiddelen, eerste hulp en brand. Het blad is de bron voor bijna alles wat je verder in je register en je instructies vastlegt.

Professionele gebruikers krijgen het blad meestal van de leverancier. Mis je het, vraag het dan op. Lees het niet één keer, maar haal er concrete werkafspraken uit: welke handschoenen, welke ventilatie, wat te doen bij morsen. Het blad beschrijft de stof, jij vertaalt het naar je werkplek.

Hoe houd je veiligheidsinformatiebladen actueel?

Leveranciers passen bladen aan als de samenstelling, de indeling of de wetgeving verandert. Een blad van vijf jaar geleden is dus verdacht. Spreek af dat een nieuwe versie eerst door een bevoegde collega wordt beoordeeld voordat hij de oude vervangt, en bewaar de datum en de naam van de beoordelaar.

Plan daarnaast een vast controlemoment waarop je per product nagaat of het blad nog het nieuwste is. Gebruik je een product niet meer, haal het dan uit het register. Zorg dat medewerkers het blad snel kunnen vinden, ook op locatie en in een taal die ze begrijpen.

Etiketten en pictogrammen: CLP in gewone woorden

CLP is de Europese regelgeving voor het indelen, etiketteren en verpakken van stoffen en mengsels. Op het etiket staan de productnaam, een signaalwoord (gevaar of waarschuwing), pictogrammen in een rood-wit ruitje, gevarenaanduidingen (H-zinnen), veiligheidsaanbevelingen (P-zinnen) en de gegevens van de leverancier.

De pictogrammen laten in één oogopslag zien waar je op moet letten: een vlam voor brandgevaar, een symbool voor bijtende stoffen, een doodskop bij acute giftigheid, een milieusymbool voor gevaar voor het water. Giet je een product over in een andere fles, label die verpakking dan ook. Een naamloze fles is een klassieke bron van ongelukken. Lees de details bij het RIVM of de Nederlandse Arbeidsinspectie.

Opslag: wat je op orde moet hebben

Hoe je opslaat, hangt af van de stof, de hoeveelheid en je situatie. Voor verpakte gevaarlijke stoffen bestaan richtlijnen, in Nederland onder meer de PGS-reeks, en soms is een vergunning of melding nodig. Controleer wat voor jou geldt bij je gemeente of omgevingsdienst. Als algemene uitgangspunten:

  • Bewaar niet-combineerbare stoffen gescheiden, bijvoorbeeld brandbare vloeistoffen niet naast oxiderende stoffen en zuren niet naast logen
  • Gebruik geschikte, afsluitbare kasten en opvangbakken voor lekkage
  • Houd aan de werkplek alleen een kleine hoeveelheid, de rest hoort in de opslag
  • Zorg voor ventilatie, afstand tot ontstekingsbronnen en vrije vluchtwegen
  • Laat producten altijd in de originele of goed gelabelde verpakking
  • Controleer de opslag periodiek, bijvoorbeeld bij elke werkplekinspectie

Instructie: wie moet wat weten?

Medewerkers die met gevaarlijke stoffen werken, moeten weten wat het product doet, hoe ze het veilig gebruiken en wat ze doen bij een ongeval. Een werkplekinstructiekaart (WIK) vat dat op één pagina samen: gevaren, beschermingsmiddelen, veilig werken, eerste hulp en wat te doen bij morsen of brand.

Geef de instructie voor het eerste gebruik en herhaal hem periodiek en na een wijziging in product of werkwijze. Leg vast wie wanneer is geïnstrueerd. Een korte toolbox op de werkplek werkt vaak beter dan een dik blad, mits je daarna controleert of mensen het toepassen.

Vervangen: eerst kijken of het ook minder gevaarlijk kan

De beste beheersmaatregel is het gevaarlijke product niet gebruiken. Ga na of je het kunt vervangen door een minder schadelijke variant, bijvoorbeeld een waterige in plaats van een oplosmiddelhoudende verf. Lukt dat niet, pas dan het proces aan, bijvoorbeeld met afzuiging, voordat je op beschermingsmiddelen leunt.

Beschermingsmiddelen zijn het laatste redmiddel. Ze beschermen alleen de drager, moeten goed passen en worden niet altijd consequent gebruikt. Leg de afweging vast: wat is overwogen, wat is gekozen en waarom. Dat laat een auditor of inspecteur zien dat je het serieus hebt aangepakt.

Veelgemaakte fouten

De meeste problemen met stoffen zijn onopvallend en daarom hardnekkig. Je ziet ze terug bij elke rondgang, als je er bewust op let. Een korte steekproef met deze punten op de lijst laat snel zien hoe het ervoor staat:

  • Een register dat bij de inventarisatie klopte en daarna nooit meer is bijgewerkt
  • Veiligheidsinformatiebladen die in een map staan, maar niet bij de werkplek beschikbaar zijn
  • Overgegoten producten zonder label
  • Producten waarvan niemand weet wie ze gebruikt, en die jaren blijven staan
  • Instructie die niet wordt herhaald of niet wordt vastgelegd
  • Wettelijke verplichtingen rond stoffen die niemand periodiek nagaat

Zo ondersteunt BrydgeOne dit

Het stoffenregister in de module Gevaarlijke stoffen houdt alle stoffen bij, van veiligheidsinformatieblad tot opslag en werkplek. Je werkt per taal met één actuele, beoordeelde SDS-versie, legt gebruik en blootstelling vast en publiceert werkplekinstructiekaarten. Medewerkers vinden instructies in de medewerkersapp of via een QR-code.

Met Werkplekinspecties controleer je opslag en werkplek met eigen checklists, in Opleidingen leg je vast wie is geïnstrueerd, en Complianceverplichtingen helpt om wet- en regelgeving rond stoffen te bewaken en aan te tonen. Zo staan register, controles, instructie en verplichtingen in één omgeving.

© 2026 BrydgeOne. Algemene informatie, geen juridisch of ander professioneel advies. Aan dit artikel kunnen geen rechten worden ontleend.

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Is een register gevaarlijke stoffen verplicht?

Of en hoe je het moet bijhouden, hangt af van je situatie en de regels voor jouw werk. Wel moet je als werkgever de risico's van stoffen in kaart brengen en medewerkers informeren, en een register is daarvoor de praktische manier. Controleer de actuele eisen bij de Nederlandse Arbeidsinspectie of in de arbocatalogus van je sector.

Wat is het verschil tussen SDS, VIB en MSDS?

Het zijn namen voor hetzelfde type document. VIB is de Nederlandse afkorting van veiligheidsinformatieblad, SDS staat voor Safety Data Sheet en is de internationale term. MSDS is de oudere benaming die je nog vaak tegenkomt, maar SDS is de term die nu gangbaar is.

Wat doe je als een leverancier geen veiligheidsinformatieblad geeft?

Vraag het schriftelijk op en leg het verzoek vast. Komt er geen blad, overweeg dan een andere leverancier of een ander product, en gebruik de stof intussen niet zonder duidelijke informatie over de gevaren. Zonder blad kun je de risico's niet goed beoordelen of je medewerkers goed instrueren.

Zie hoe BrydgeOne dit ondersteunt

Je betaalt alleen voor de modules die je activeert, vanaf € 49 per maand. In een demo laten we zien hoe het werkt met jullie eigen processen.